Brandstofkosten berekenen
Bereken wat een rit aan brandstof kost op basis van je verbruik en de prijs per liter.
- Verbruikte liters
- —
- Kosten per km
- —
Wat een rit je werkelijk kost
Brandstof is de zichtbaarste autokost, maar niet de grootste. Afschrijving, verzekering, verkeersbelasting, onderhoud en banden samen kosten doorgaans meer per kilometer dan de tankbeurt zelf. Wie twee vervoerskeuzes eerlijk wil vergelijken, rekent daarom niet enkel met brandstof — al is dat wel het bedrag dat je meteen voelt.
Voor de brandstofkost zelf zijn er drie variabelen: de afstand, het verbruik van je wagen en de prijs per liter. Van die drie heb je er twee in de hand. Rustiger rijden en je bandenspanning op peil houden schelen samen makkelijk 10 tot 15% verbruik.
Hoe bereken je brandstofkosten?
Liters = afstand ÷ 100 × verbruik. De kosten zijn dat aantal liters maal de prijs per liter. Bij 500 km, een verbruik van 6 l/100 km en 1,70 euro per liter kom je op 30 liter en 51 euro.
Gebruik je werkelijke verbruik, niet het fabriekscijfer. Het opgegeven WLTP-verbruik ligt in de praktijk vaak 10 tot 20% lager dan wat je echt haalt, en bij korte ritten of veel stadsverkeer nog meer. Je boordcomputer of een paar tankbeurten bijhouden geeft je een eerlijker cijfer.
Wat je verbruik omhoog of omlaag duwt
Snelheid weegt het zwaarst: de luchtweerstand stijgt met het kwadraat van je snelheid, dus 120 rijden in plaats van 140 scheelt op de snelweg makkelijk 15 tot 20%. Een dakkoffer of fietsendrager kost ook bij lage snelheid al gauw 10 tot 20% extra. En koude starts zijn duur — de eerste kilometers verbruikt een motor fors meer, waardoor korte ritten per kilometer het duurst zijn.
Bandenspanning is de goedkoopste besparing die er is: enkele tienden bar te laag kost al snel enkele procenten verbruik, plus snellere bandenslijtage. Controleer maandelijks, en gebruik de waarden op de sticker in je deurstijl, niet die op de band zelf.
Waar moet je op letten?
- Gebruik je werkelijke verbruik uit de boordcomputer, niet het fabriekscijfer — dat ligt in de praktijk 10 tot 20% te laag.
- Controleer maandelijks je bandenspanning. Te zacht rijden kost verbruik én banden.
- Haal dakkoffers en fietsendragers eraf als je ze niet gebruikt: ze kosten 10 tot 20% extra.
- Korte ritten zijn per kilometer het duurst, omdat een koude motor fors meer verbruikt.
- Voor een eerlijke vergelijking tussen wagens tel je afschrijving, verzekering, taksen en onderhoud bij de brandstofkost.
Veelgestelde vragen
Hoe weet ik mijn verbruik?
Je boordcomputer toont het gemiddelde verbruik, of je deelt de getankte liters door de gereden afstand maal 100. Stadsverkeer verbruikt meer dan de snelweg.
Geldt dit ook voor elektrisch?
Deze rekenmachine gaat uit van liters brandstof. Voor elektrisch reken je met kWh per 100 km en de prijs per kWh volgens hetzelfde principe. Een gemiddelde elektrische wagen zit rond 18 tot 22 kWh per 100 km.
Hoeveel bespaar ik door trager te rijden?
Op de snelweg veel. De luchtweerstand groeit met het kwadraat van je snelheid, dus 120 in plaats van 140 rijden scheelt makkelijk 15 tot 20% verbruik. Op een rit van 500 km is dat een paar euro's per honderd kilometer.
Waarom klopt het fabrieksverbruik nooit?
Het WLTP-cijfer wordt onder gestandaardiseerde omstandigheden gemeten: vaste temperatuur, geen airco, geen bagage, een vlak parcours. In het echte verkeer, met koude starts, files en wind, ligt het verbruik doorgaans 10 tot 20% hoger.